ana roelofs-gedicht 212

 

 

wat weten je messen van een beestje met vijf

poten getekend op de stoep later kwam daar

nog een zesde pootje bij tevergeefs, in de

gang ruikt het naar moord, op straat spelen de zeven

ontrouwe onschuldigen slecht weer en spreken

elkaar tegen hoe ze hem in de val lokten,

hoe hij huilde maar wat weten je gruwelen

van de vernietigende schaduw onder de

lantaarnpaal wacht nog even met je verhalen

hij was een piepklein tussendoortje, vlees noch vis

hij was melk noch honing, hij hing de sterren in

de boom en God alleen weet hoezeer ik hem mis

 

5 juli 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 211

 

 

stoffige demonen eisen hardnekkige

schema’s tegen de stroom in, drinken een vloedgolf

met alle liefde en zien wel waar het schip strandt,

weten blindelings de dans te ontspringen om

dan zilverend en zacht de stank af te sluiten,

nachten de binnenkant uit hun zwartboeken

en vandaag vergrijsd troosteloos in somberheid,

laat de waarheid berooid achter als dom toeval

wat er in je ziel te slapen lag ontaardde

angstig en alleen voor altijd hier te blijven

 

25 juni 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 210

 

 

de dag is vol fluorescerende sleutel

bloemen in het uitdijende universum

rest de belofte aan blauwe sterren voor de

wind in elke wolk aan de paarlen hemelpoort

als goudstof op mijn huid, neem me mee hang de zee

paardjes in de bomen van het zangvogelbos

hier is de muziek in het onvoorstelbare

groene vlammenlicht veranderen tranen in

discrete wespennesten  zing, zing wat heb je

nog te verliezen  toe, laat mij hier niet alleen

als het echt nodig is  hou alsjeblieft van me

met stapjes en pootjes in muisstil slowmotion

 

14 juni 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 209

 

 

een relikwie, een slecht idee, een nachtgitaar

de lange geschiedenis van de Zwartelaan

in elkaar gezet in strenger tijden woonde

daar de machinist van de nachttrein in volle

glorie had hij vier stalen ogen en zestien

armen en vieze praatjes en altijd gelijk

in het eeuwige licht van zomeravonden

begonnen die dingen pas goed in het honderd

te lopen ik was gewend te zingen maar met

al die herrie aan mijn kop kon ik niet meer in

mijn eigen hoofd noch in andermans schoenen schiet

ik onzinnigheden uit mijn slof weer terug

 

4 juni 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 208

 

 

damherten wapperen over het behang als

de idylle in totale chaos vervalt

ik zal dieren vinden die niet meer bestaan (maar

wat de ijsbeer te wachten staat is crimineel)

ze hebben geen ogen en geen oren, zonder

neus of mond maar veertjes van stof en bladgoud zacht

op de bodem van het binnenhuis dartelen

ze rond, geven elkaar apocalyptische

woorden als vergeten cadeautjes van de

laatste feestjes van gecrashte ijsbeerjagers

in de bosjes ligt mijn oude sneeuwhaas te wachten

op de revanche van de onzekere IJszee

21 mei 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 207

 

 

zeg nou iets dat toch niet waar kan zijn maar niet heus

alsof ik slaap op de gestaalde rotonde

van een verleidelijk onderonsje schokt de

waarheid in onverschilligheid woont mijn monster

geurloos op hetzelfde matras met gespierde

romp en doodgeslagen vuisten neemt revanche

op de kleine idealen in dezelfde

verbeten bedden laveren vreemde raven

zetten hun veren op springen breekbaar op de

botten van mijn verbolgen huisdier mijn boze

huisgenoot in grootspraak in snelle ademnood

op mijn nachtkastje is de maan al bijna dood

13 mei 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 206

 

 

een verlegen verschijning verstoort het neefje

van de wolf vermoordt het feestje van zwanezang

en schaamrood smaakt monddood, niet om op te vreten

ik bood mijn dikke kanarie met de lange

tenen zwijggeld, een nieuwe levensvervulling,

onvoorspelbaar kortzichtig en razend spannend

maar hij dacht aan opstappen, zijn eigen plekje

in de wildernis om zijn leven te slijten

ik zal zachter lachen alsof het voorbij is

en mijn geloofwaardigheid niet door de plee is

vergeet het maar dat er in de zevende nacht

eindelijk wordt geluisterd hoe perfect je deugt

 

 

5 mei 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 205

 

 

huismussen kwamen aanvliegen en verdwenen

lijsters, merels, pimpelmezen maar geen kraaien

wél het ijdele geweld van vermeend onrecht

grimmig en verbeten vliegt de brute poëet

voort en omarmen afgedankte heiligen

de gretige duivel van de spraakverwarring

een op drift geraakte vogelaar eet het snoep

uit de vitrine van de kind-boeman die zich

bijna niets laat ontzeggen  uitgescholden door

Franciscus die verder alleen tot vogels spreekt

verlaat hij lichtvoetig noch diepgeworteld het

huis en laat onder de stoelen een storm achter

26 april 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 204

 

 

aan het eind van de winter was alles stenen

en zand de rekening van je bestaan ademt

zacht en nerveus ergens tussen onmisbaar en

ontheemd in staat duister de wederopstanding

van het in de steek gelaten stille lichaam

overschrijdt de vederlichte doodsengel de

grens tergt het vuur gaat onvast en onrustbarend

vermalen z’n kaken razendsnel de ruwe

diamanten en aan de rand van het ravijn ligt

het sterrenstof van z’n dromen op de daken

als ware het sneeuw vleugellam op de vlucht voor

vergetelheid kan hij niet op aarde blijven

 

 

15 april 2017 Geen categorie

ana roelofs-gedicht 203

 

 

in dit rauwe jaar jammeren mijn vogeltjes

om vergelding voor de schaamteloze krul in

het haar van de leugenaar, over vergeten

sloffen op de plek waar het drakenskelet hoort

en ik heb geen geduld voor hun aanstellerij

daar loomheid regeert in de wervels van mijn schuld

en pijn in mijn gekooide handen kortwieken

obsessief gebalde vuisten het brandende

fossiel, morrel ik maandenlang in zielige

concessies vervliegt de uitbundige schoonheid

vanzelf geeft boosheid lucht in mijn hoofd en bijna

wist ik alles, ook wat ik niet wilde weten

 

3 april 2017 Geen categorie

1 2 3 4 23