#231

ana roelofs-gedicht 231

 

 

De terugkerende zwarte gaten zwalkten
moedeloos door het gras achter de deur was er
een andere binnenkant alles vertraagde en
ik wilde dat niets meer ooit zou veranderen

 

wat waanzin ontketende bij mijn lijpe monster
overal waar ik kwam waar hij al was geweest
was er iets veranderd wat ik was vergeten
op heterdaad in een altijd verloren strijd

 

vluchtte de verwarring in de aanval schater-
lachend door merg en been ga ik een stelletje
onzichtbare monsters op het dak wit verven

 

in slaap gevallen in het bed van het verleden
droom ik dingen die al verbrokkeld waren in
een lang vervlogen nooit meer thuis, maar waarheen dan

Share

Schrijf een bericht

27 mei 2018 Geen categorie