#230

ana roelofs-gedicht 230

 

 

Toen alles klaar stond was er geen houden meer aan
onschuldig vertrok ik, mijn onoverwonnen
monster sleepte ik mee op leven de dood in
het donker vroegen we de weg zonder ogen

 

sloegen we elkaar om de oren met het
nadeel van de twijfel vele lichtjaren ver
omzeilden we een venster in de sterrenhemel
een dunnere plek kun je je niet voorstellen

 

zullen we verraden dat het paradijs nep is
dat we de voeten van de verlosser nooit zagen
hoe leeg het duistere spoor van gespleten dromen

 

ons bleef achtervolgen tegen wil en dank sliep
het huis waarin we woonden om de hoek wemelde
het van zwarte gaten die steeds terugkeerden

Share

Schrijf een bericht

11 mei 2018 Geen categorie